Week 3 & 4: Vliegers en Priesters

De laatste tijd heb ik veel aan mijn hoofd gehad, dus het schrijven is er een beetje bij ingeschoten. Omdat ik wél heel veel albums heb geluisterd, ga ik ze niet allemaal bespreken maar er gewoon wat dingen tussenuit pakken. Dat is het fijne van geen regels hebben. Al ga ik normaliter behoorlijk goed op regels overtreden, maar da’s een ander verhaal.

Dit is wat ik heb geluisterd:

Ja, er staat een spelfout in, idgaf.

De korte versie: ik ben blijkbaar fan van Judas Priest. En Kite. Maar vooral Judas Priest.

De langere versie:

Judas Priest dus. Na wat studioalbums beluisterd te hebben, besloot ik dat het tijd was voor een live album. Dat werd dus Priest… Live!. Dit is Judas Priest in topvorm. Enige tijd geleden alweer natuurlijk, maar de energie spat er vanaf en ik blijf me verbazen over wat een veelzijdige zanger Rob Halford nu eigenlijk is. De livebeelden heb ik er niet bij, maar alleen al op een album weet hij het publiek, of in ieder geval mij, te domineren en al mijn aandacht op te eisen zonder dat het storend wordt. Ik maak er namelijk geen geheim van dat ik luide, en vooral gillende mannen erg vervelend vind (daarom ben ik ook met Geert natuurlijk). Denk aan Leprous, Haken, dat kaliber. Het wordt al gauw zo zeurderig of té aanwezig, zeker als het dan ook nog zo gepolijst moet. Nee, meneer Halford is rauw en fucking fierce.

Maar is dat nu nog zo? Na het luisteren van hun laatste album, Invincible Shield, en hun live album Battle Cry uit 2016, zeg ik: JA. Deze ja is zo volmondig dat ik nu trotse eigenaar ben van kaartjes voor hun show in de 013 aankomende zomer.

Wat ik zo fijn vind aan Priest? Ik vind ze zo fucking fierce, het is op een bepaalde manier heel erg powerful op een manier die ik niet kan omschrijven. Deze man zingt met zo’n overtuiging dat het haast onmogelijk is om er niet in mee te gaan. Dat werkt aanstekelijk geloof ik, want ik voel me gelijk de coolste persoon ter wereld zodra ik het luister.

Ik wil hem zijn.

Zo cool als ik me voel bij het luisteren van Judas Priest, zo dom voel ik me bij Gladde Paling’s Eurodance Revolutie. Het was een aanrader van een vriendin met de volgende toelichting:

Waarheid.

Hier heb ik verder niks aan toe te voegen. Dit is muziek die om een andere reden resoneert bij mij, namelijk dat het zó druk en stupide is dat geen gedachte er tegenop kan. Ik heb om sommige nummers ook wel hardop moeten lachen. Zeker een album waar je je beter van gaat voelen - ofwel omdat je het hilarisch vindt, ofwel omdat je beseft dat je leven altijd erger had kunnen zijn.

Mijn leven is in ieder geval een stuk beter geworden in week 3 van dit jaar, toen ik Kite On Ice ben gaan luisteren. Een vriend van me was naar deze show geweest, en dat zag er supervet uit toen ik het op zijn Instagram zag. Al helemaal toen Anna von Hausswolff er ineens aan mee bleek te doen. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt.

Anna mijn perenmoeder.

Ik ben geen fan van social media, maar wat ben ik blij dat ik dit voorbij heb zien komen. Dit is zo’n album dat liefde op het eerste gehoor was voor mij. De vergelijking met Röyksopp is misschien te makkelijk voor een elektronisch Scandinavisch duo, maar de invloeden zijn er zeker wel. Doe er een vleugje Blanck Mass bij hier en daar en soms wat Depeche Mode, wissel de blijdschap in voor wanhoop of boosheid, en je hebt een fantastische liveplaat. De vocals zijn misschien een acquired taste, maar de muziek is zó waanzinnig goed dat het er niet toe doet. Opzwepend, hypnotiserend, emotioneel, van dansbare nummers om op te stampen tot de voelbare pijn van Anna von Hausswolff, dit album heeft het allemaal. Kite On Ice staat bij mij sindsdien op repeat, en dat kan ik iedereen aanraden.

“You are the Duran to my Duran”, zeggen Geert en ik vaak tegen elkaar. Toch moet ik zeggen dat ik deze band beschamend lang weinig aandacht heb gegeven, op het nummer Ordinary World na - één van mijn lievelingsnummers aller tijden, no shame. Hoe groot was mijn verbazing toen dat nummer opdook in 28 Years Later: The Bone Temple - mijn favoriete film franchise! Ik zal geen spoilers plaatsen, maar wát een scene was dat. Wanneer muziek en film perfect gaan is dat pure magie, denk bijvoorbeeld aan de scene uit Donnie Darko die gepaard gaat met Head Over Heels van Tears for Fears. Dit was van een vergelijkbaar kaliber voor mij. Ik ben niet snel geraakt of ontroerd, maar damn.

The Duran to my Duran.

Goede reden om het album op te zetten waar dit nummer op staat. Een album vol met fucking bangers. Ondanks dat het album uit ‘93 komt (enkel goede dingen uit dit jaar), ademt het toch de 80’s sfeer waar ik zo gek op ben: goede baslijnen, catchy nummers en interessante ritmesecties. Er zitten een paar ontzettend sterke nummers op dit album waar ik ook spontaan zin van krijg om bas te spelen, al gaat het nog even duren voor ik er wat van kan. Zeker de eerste en laatste paar nummers op dit album springen er uit voor mij, en de opener Too Much Information is perfect in deze positie: zo catchy dat je niks anders kan dan je er aan overgeven.

Maar voor nu ga ik me overgeven aan het toetje dat ik net heb gemaakt, en de behoefte aan slaap die maar al te vaak onvervuld blijft de laatste tijd. Misschien dat ik het laatste album van All India Radio opzet om even tot rust te komen, waarop ze de sfeervolle rustige baslijnen die normaal de rode draad vormen van hun muziek hebben ingeruild voor een meer ambient aanpak. Niet per se wat ik had gehoopt, maar het is ze vergeven - hun back catalog is zó groot dat ik daar voorlopig toch wel even zoet van ben. Ik kan er toch geen genoeg van krijgen. Net als van ijs.

Of ga ik toch voor Young Alaska van Christian Löffler? Dit is een album dat de Kiasmosfans zeker kan bekoren. Rustige electronica zonder saai te worden of op de achtergrond te verdwijnen, met een sfeer die af en toe aan het oude werk van Burial doet denken. Ik luister behoorlijk wat elektronische muziek en veel in de hoek "rustgevende beats met piano" eist niet per se de aandacht op. Zonde, want muziek zou eigenlijk niet iets moeten zijn dat alleen op de achtergrond bestaat. Dit album laat zich daar gelukkig niet toe dwingen en blijft interessant met de minimale middelen die het heeft, zonder irritant of druk te zijn. Daar kan ik nog wat van leren.

Klik hier voor mijn 2026 playlist, waar ik van elk album wat aan toevoeg. Als ik het niet vergeet.